Als het oude werk door chronische ziekte niet meer past: wat dan?

Als een medewerker langdurig ziek is, komt er op een gegeven moment een kantelpunt: de vraag of terugkeren naar de oude functie nog wel realistisch is. Soms wordt er in het begin gedacht: even eruit, dan rustig opbouwen, en dan kan alles weer zoals het was. Maar bij een chronische aandoening is de werkelijkheid vaak grilliger. De verwachting dat alles weer wordt zoals het was, schuurt met wat het lichaam of het hoofd nog aankan.

Voor zowel medewerker als werkgever is dat een moeilijk moment. Je komt op onbekend terrein. Er is geen vast pad, geen kant-en-klare oplossing. Alleen maar een situatie waarin dingen zijn veranderd.

Re-integratie na ziekte: terugkeer is niet altijd terug naar hoe het was

We gebruiken het woord ‘re-integratie’ alsof iemand even uit beeld is geweest en dan langzaam weer terugkomt. Maar bij een chronische aandoening is iemand niet ‘weg’ geweest. Die persoon is doorgegaan met leven, met zoeken naar een nieuw evenwicht, met het omgaan met onzekerheid en verlies.

En het werk? Dat stond stil voor die persoon. Of beter gezegd: het voelde misschien alsof het verder ging zonder hem of haar. De afstand groeit. Niet alleen praktisch, maar ook emotioneel.

Voorbeeld:
Marieke, een projectleider, krijgt een diagnose van MS. Na maanden van moeheid en onzekerheid, weet ze eindelijk wat er aan de hand is. Ze wil dolgraag terug. Maar de dagen zijn grillig. Haar hoofd wil, haar lichaam protesteert. Ze probeert halve dagen. Ze vergeet dingen. Ze voelt zich niet meer “scherp genoeg”. En plots hoort ze een collega zeggen: “Misschien is dit werk gewoon te veel geworden voor haar.” Ze trekt zich terug. Want als zij het zelf al moeilijk vindt om haar grenzen te herkennen, hoe moet haar omgeving dat dan kunnen?

Voor de werkgever ontstaat een lastige situatie. De loyaliteit van Marieke is voelbaar. Maar ook haar beperking. Er is geen draaiboek voor dit soort processen.

Wat als het oude werk niet meer haalbaar is?

Wanneer blijkt dat het oude werk niet meer haalbaar is, volgt vaak een periode van stil verdriet. Voor de medewerker is het werk vaak meer dan een takenpakket. Het is ook identiteit, ritme, zingeving en iets om bij te horen.

Voorbeeld:
Youssef werkte al tien jaar als monteur. Na een motorongeluk houdt hij blijvend letsel aan zijn arm. Technisch gezien zou hij kunnen omscholen. Maar zijn trots, zijn vakmanschap, zijn gevoel van eigenwaarde: dat zit allemaal in zijn handen. Zijn leidinggevende ziet een andere functie voor hem, op kantoor. Youssef knikt beleefd. Maar vanbinnen denkt hij: “Dat ben ik niet.”

Voor werkgevers is dit ook een verlies. Je moet opnieuw kijken: niet alleen naar wie iemand was in het werk, maar wie iemand nog kan zijn, op een andere manier. En dat roept vragen op.

Wat is haalbaar? Wat is wenselijk? Wat voelt eerlijk?

De spanning tussen zorg en verantwoordelijkheid

Balans tussen zorgplicht en teamdruk: de worsteling als werkgever

Werkgevers willen vaak het goede doen. Maar tegelijkertijd spelen er andere belangen: werkdruk, teamcapaciteit, beleid. Dat schuurt. Zeker als het lang duurt.

De spanning tussen het bieden van ruimte en het bewaken van grenzen is echt. En daarin zit ook het risico op ongemak dat weggestopt wordt. We gaan door, we wachten af en hopen dat het vanzelf duidelijk wordt.

Maar chronisch ziek zijn wordt zelden vanzelf duidelijk. Het vraagt moed om het uit te spreken:

  • “Ik zie dat het niet lukt zoals het ging.”
  • “Ik merk dat we allebei zoeken.”
  • “Misschien moeten we samen iets nieuws onder ogen zien.”

Als hoop schuurt met de werkelijkheid: durven erkennen wat niet meer lukt

Ergens blijven we hopen: dat het toch weer wordt zoals het was. Dat iemand zich herpakt. Dat het met wat aanpassingen weer gaat. Maar die hoop kan ook in de weg gaan zitten van eerlijkheid. En eerlijkheid betekent soms: toegeven dat het oude niet meer past. Dat iets ten einde komt. Niet uit onwil, maar wel de harde realiteit.

En dat doet pijn.

Voorbeeld:
Leonie, HR-adviseur, begeleidt een collega met langdurige psychische klachten. Elke keer als hij even opkrabbelt, wordt er iets opgebouwd. En elke keer stort het weer in. Ze merkt dat het haar raakt. Ze wil zo graag geloven dat het goedkomt. Maar in de gesprekken blijft het stil. De energie is op. Ze voelt het zelf ook. Maar hoe zeg je dat, zonder hard te zijn?

Soms begint menselijkheid precies daar: in het durven benoemen wat schuurt.

Veelgestelde vragen – FAQ

Hier tref je enkele veelgestelde vragen.

Moet ik blijven zoeken naar passend werk, ook als het niet lijkt te lukken?

Ja, en nee. Het zoeken mag, maar hoeft niet eindeloos. Wat belangrijker is: blijf in contact over waar de grens ligt tussen kansen en realiteit.

Wat als mijn medewerker zich vastklampt aan de oude functie?

Dan is er waarschijnlijk rouw. Probeer die te zien en serieus te nemen. Het loslaten van een rol is vaak een diep verlies.

Hoe blijf ik in gesprek als alles in het midden blijft hangen?

Door juist niet te veel te willen oplossen. Stel open vragen. Benoem ook jouw twijfel. Soms is de erkenning van het ‘niet-weten’ precies wat nodig is.

Wat als het proces te lang duurt en het team onrustig wordt?

Wees eerlijk tegen het team. Zonder iemand weg te zetten. Je kunt benoemen dat het zoeken is, dat het tijd kost, en dat dat óók bij goed werkgeverschap hoort.

Verlies van gezondheid favicon Hulp van mij?

Aangenaam, ik ben Gea van der Veen, oprichter van Verlies van gezondheid.

Als iemand niet terug kan naar het oude werk, eindigt er iets. Maar misschien begint er ook iets anders. Geen invulling zoals het was, maar een nieuwe vorm van waarde, aanwezigheid of afscheid.

Als coach begeleid ik dit soort processen. Niet om te forceren, maar om ruimte te maken voor wat er echt speelt. Want pas als we dat onder ogen durven zien, ontstaat er weer beweging. Samen.

Wil je daar eens over sparren? Dan loop ik graag met je mee.

Ga naar de inhoud